Juridische aandachtspunten bij het realiseren van een energiehub
Een energiehub is een samenwerkingsvorm waarin meerdere grootverbruikers gezamenlijk transportvermogen contracteren. Zolang zij binnen dit vermogen blijven mogen zij dat onderling zelf verdelen. Dat biedt kansen bij transportschaarste en zorgt ervoor dat bedrijven effectiever met het net omgaan. Tegelijkertijd vraagt een energiehub om een zorgvuldige juridische inrichting. Hieronder worden de belangrijkste juridische bouwstenen overzichtelijk uiteengezet.
Netcapaciteit delen
Veel energiehubs ontstaan vanuit schaarste aan transportcapaciteit. Bedrijven kunnen daardoor niet groeien of elektrificeren. Een energiehub kan dan op verschillende manieren toch voor meer ruimte zorgen. Voor al die manieren moeten deelnemers nauw samenwerken. En daarvoor is het nodig dat (mogelijk bedrijfsgevoelige) data worden ontsloten en geanalyseerd. Daar moet je goede afspraken over maken.
Machtiging (privacy)
Voor het opzetten van een energiehub is een vooronderzoek nodig. Hierbij kijken bedrijven of adviseurs naar de mogelijkheden om samen te werken. Om dat te doen, moet je meetgegevens delen, met elkaar of met derden.
Je hebt dan een machtiging nodig om deze data op te halen en te verwerken. In deze machtiging moet minimaal staan:
- een duidelijke grondslag voor gegevensverwerking (AVG);
- een expliciete machtiging van betrokken partijen;
- vastlegging wie verwerkingsverantwoordelijke of verwerker is;
- afspraken over bewaartermijnen en beveiliging.
Samenwerkingsovereenkomst
Als uit de analyse blijkt dat een samenwerking meerwaarde heeft, gaat het echte werk van start. Deelnemers moeten met elkaar afspraken maken over de toekomstige samenwerking. Deze afspraken komen in de zogeheten samenwerkingovereenkomst (SOK). Dit is de basis van iedere energiehub. Hierin staat onder andere:
- doel en scope van de energiehub
- governance en besluitvorming;
- kostenverdeling en investeringsstructuur;
- aansprakelijkheid;
- toetreding en uittreding;
- geschillenregeling.
Oprichtingsakte en statuten van een coöperatie of BV
Een energiehub heeft vaak een eigen juridische entitieit. Vaak is dit een coöperatie of een BV.
Bij een coöperatie heb je een oprichtingsakte nodig, inclusief statuten. Belangrijk in de statuten:
- lidmaatschap en toetreding;
- stemrechten;
- bestuur en besluitvorming;
- winstbestemming en vermogen bij ontbinding.
Als je voor je energiehub voor een BV kiest, zijn er andere aandachtspunten:
- oprichtingsakte en inschrijving bij de Kamer van Koophandel;
- aandeelhoudersovereenkomst in plaats van ledenovereenkomst;
- verdeling van aandelen en stemrechten;
- bestuur en bevoegdheden;
- winstverdeling en eventuele terugkoop van aandelen bij uittreding.
De keuze tussen coöperatie en BV hangt af van de locatie en organisatie van de beoogde deelnemers. De keuze kan verstrekkende fiscale en juridische gevolgen hebben. Raadpleeg daarom altijd een jurist of notaris!
Mogelijk vind je deze tools ook interessant:
Ledenovereenkomst of aandeelhoudersovereenkomst
Bij een coöperatie heb je meestal ook een ledenovereenkomst nodig. Hierin leg je vast:
- samenwerking en operationele procedures;
- verdeling van energie en flexibiliteit;
- sancties bij niet-naleving;
- aanvullende financiële afspraken.
Bij een BV houd je een aandeelhoudersovereenkomst. Hierin regel je onder andere:
- afspraken over stemrechten en bestuur;
- instemming bij belangrijke besluiten;
- overdracht van aandelen;
- verdeling van winst en eventuele dividenduitkering;
- een exitregeling voor aandeelhouders.
Ook bij het opstellen van de ledenovereenkomst of aandeelhoudersovereenkomst is het van groot belang om te overleggen met een jurist of notaris, om zo de juiste keuzes te maken voor jullie groep.
GTO of andere contractvormen
Het benutten van netcapaciteit kan via verschillende contractvormen. De keuze hangt af van de technische situatie, de omvang van de hub en de deelnemers.
GTO (Groeps-Transportovereenkomst):
Bij een GTO delen meerdere bedrijven gezamenlijk één transportrecht. Onderlinge afspraken bepalen wie wanneer hoeveel gebruikt. De groep is gezamenlijk verantwoordelijk voor het voorkomen van overschrijdingen.
G-CBC / G-CSC:
In groepscontracten voor capaciteitsbeperking of capaciteitssturing worden deelnemers betaald voor tijdelijke beperking of aanpassingen van verbruik of productie, bijvoorbeeld door de inzet van batterijen. Dit gaat congestie tegen. Hierdoor kan een netbeheerder (mogelijk) vermogen toekennen aan een of meerdere deelnemers. Hierbij mogen deelnemers het vermogen onderling niet delen.
Cable pooling of directe lijn:
Bij cable pooling delen meerdere producenten één aansluiting of hebben een directe verbinding met de afnemer. Daarvoor heb je duidelijke afspraken over eigendom en gebruik nodig.
GDS (Gesloten Distributiesysteem):
Een gesloten distributiesysteem is een privaat netwerk binnen een bedrijventerrein of regio. Dit geeft veel flexibiliteit, maar brengt ook verplichtingen met zich mee. Een GDS is een zware oplossing, die veel werk en investeringen vergt. Je kunt dit alleen doen met een ontheffing van de ACM. Dit is vaak geen optie.
Redispatch:
Redispatch levert de groep geen ruimte op, maar kan de flexibiliteit wel vermarkten. De hub kan productie of verbruik aanpassen op verzoek van de netbeheerder om congestie te verminderen. Contractueel moet worden vastgelegd hoe opbrengsten en verantwoordelijkheden worden verdeeld.
Overeenkomsten met derden
Naast interne afspraken zijn contracten met derden nodig, zoals:
- een (individuele) aansluitovereenkomst met de netbeheerder;
- onderhouds- en servicecontracten;
- financieringsovereenkomsten;
- overeenkomst met een adviseur.
Met deze contracten regel je wie verantwoordelijk is bij storing, wie onderhoudt, en hoe opbrengsten of boetes worden verdeeld.
Privacy, cybersecurity en mededinging
Je kunt privacy, cybersecurity en mededingsafspraken onderbrengen in bovenstaande overeenkomsten, maar verdienen zelfstandig aandacht. Deelnemers kunnen concurrenten zijn, dus afspraken over exclusiviteit, data of toegang tot de hub mogen de markt niet onnodig beperken. Ook moet de meetdata moet zorgvuldig worden verwerkt, met duidelijke rollen en beveiliging. Het is belangrijk om over al deze zaken na te denken en op de juiste plekken te verwerken in de onderlinge en verwerkersovereenkomsten.
Bij de keuze voor een (C-)EMS is het ook belangrijk om na te denken over cybersecurity. Omdat het hier gaat over real-time sturing maakt, is de hub mogelijk kwetsbaar voor incidenten. Een andere overweging is bijvoorbeeld de keuze voor een Europese of zelfs Nederlandse server voor de dataopslag en verwerking. Over al deze zaken moet je een keer nadenken.
De Omgevingswet en Ruimtelijke Ordening
Veel fysieke onderdelen van een hub vallen onder het omgevingsrecht. Overleg met de gemeente is daarom belangrijk. Zo voorkom je tegenvallers. Denk hierbij aan het plaatsen van een batterij: het zou vervelend zijn je daar onverhoopt geen vergunning voor krijgt. Neem daarom in een vroeg stadium de gemeente mee in je plannen.
Belangrijke aspecten zijn:
- Past het binnen het omgevingsplan? Zo niet, dan is een wijziging of afwijking nodig.
- Vergunningen voor bouw of infrastructuur.
- Onderzoeken naar ecologie, stikstof, water en archeologie.
- Specifieke eisen per asset, zoals veiligheid van batterijen, geluid bij windenergie of landschappelijke inpassing.
- Gemeenten betrekken de netcapaciteit vaak bij vergunningverlening.
Eventueel: handel
Naast samenwerking op basis van transportcapaciteit, kunnen partijen ook samenwerken op het gebied van van energiehandel. Denk bijvoorbeeld aan:
- peer-to-peerhandel tussen deelnemers;
- levering aan derden (B2B of B2C);
- deelname aan balancerings- of flexibiliteitsmarkten.
Je kunt dit kleinschalig of groot aanpakken. Overleg daarom met een adviseur.



