Vijf vragen aan Geert Morssinkhof van energiehub Broeklanden
‘Kijk eens vijf jaar vooruit’
Steeds meer ondernemers lopen tegen energie-uitdagingen aan. Een energiehub kan dan een oplossing zijn, maar de praktijk blijkt vaak best ingewikkeld. Hoe pakken andere bedrijven dat aan? Welke keuzes maken zij? En wat leren ze onderweg?
Deze keer stellen we vijf vragen aan Geert Morssinkhof van Morssinkhof Groep, die meedoet aan de energiehubs in Hardenberg en Hengelo.
Wie ben je?
“Ik ben Geert Morssinkhof van Morssinkhof Groep. Het is een familiebedrijf dat we samen met mijn broer en twee neven runnen. We zijn de vierde generatie en bestaan dit jaar 125 jaar. We maken bestratingsmateriaal van beton. Voor de professionele markt zijn dat bijvoorbeeld tegels, trottoirbanden en materiaal voor de openbare ruimte. Voor de tuinmarkt doen we dat onder een ander merk, Tuinvisie.
Binnen het bedrijf ben ik verantwoordelijk voor productinnovatie en duurzaamheid. Energie hoorde daar al bij toen ik een meer facilitaire rol had, dus zo ben ik erin gerold.”
Wat zijn je energie-uitdagingen?
“In beide gevallen draait het om netcongestie. Daar liepen we zelf tegenaan. We hebben productiecapaciteit verplaatst van één locatie naar twee andere, naar Hengelo en Hardenberg. Daardoor hadden we meer output nodig. We hebben daarvoor een efficiëntere machine aangeschaft. Die levert veel meer output, maar verbruikt net iets meer stroom. Genoeg om door onze grens heen te gaan.
Dat was de aanleiding om het serieus op te pakken. We willen namelijk nog meer investeren, maar lopen nu tegen het plafond aan. Voor een structurele verzwaring zijn we naar verwachting niet voor 2035 aan de beurt. Dan moet je het dus met elkaar oplossen.”
Welke individuele maatregelen heb je al genomen?
“Dat verschilt per locatie. In Hardenberg kunnen we geen zonnepanelen plaatsen, want dat kan de constructie van het pand niet aan. Daar hebben we wel een vrij zware batterijopslag, omdat de uitbreiding daar groter was.
In Hengelo hebben we wel zonnepanelen, en daar staat een kleinere batterij. Het idee is om die opslag straks te delen in de hub. Dan kunnen we samen beter balanceren.”
Wat zou een energiehub je opleveren?
“Op dit moment vooral kennis. We raken beter georganiseerd. Nu Broeklanden in Hardenberg is verenigd in een energiecoöperatie met een GTO is het straks eenvoudiger voor overige bedrijven op het bedrijventerrein om zich aan te sluiten bij het bestaande collectief.
In Hengelo zie je dat we naar elkaar toe groeien. In het begin hielden bedrijven de kaarten tegen de borst. Ze hadden wel capaciteit, maar wilden niet zeggen hoeveel. Inmiddels is er meer openheid. Daarvoor heb je je kwartierdata nodig.
Sommige bedrijven dachten dat ze geen probleem hadden. Toen hebben we gevraagd: kijk eens vijf jaar vooruit. De komende tien jaar word je niet geholpen, dus een probleem over vijf jaar is dan nog niet opgelost. Niet om te dreigen, maar om inzicht te geven. Ineens zagen andere bedrijven dat ze ook tegen grenzen aanlopen, door groei die je nu nog niet ziet. Denk aan een warmtepomp als gas duurder wordt, of aan elektrische auto’s. Dan heb je meer stroom nodig, en als je aan het plafond zit, gaat dat niet. Toen was de urgentie er ineens wel.”
Welke tips heb je voor andere bedrijven?
“Het allerbelangrijkste is dat je weet waar je zelf staat, ook achter de meter. Optimaliseer alles wat je kunt optimaliseren. Dat hadden wij ook gedaan, en toch liepen we bij een uitbreiding tegen onze grens aan.
Daarna kijk je wat de handigste route is. Je kunt alles zelf doen, maar zo'n batterij is erg duur. Dan ligt het voor de hand om de samenwerking met je buren op te zoeken. Vaak kun je dat opzetten via een bedrijvenvereniging. Het begint ergens.”
Bonusvraag: Je zit in twee hubs die in een ander stadium zitten. Wat valt je op?
“In Hengelo ging het echt vanuit de bedrijvenvereniging zelf. De gemeente leverde een kwartiermaker voor de eerste gesprekken. Inmiddels is er een energievakgroep, en er zit een adviesbureau bij dat het traject begeleidt met de subsidieaanvragen. We gaan nu starten met het inrichten van de hub.
Daarna kom je in het stadium waar Hardenberg nu zit. Dan ga je echt naar de techniek, naar een energiemanagementsysteem. Zover zijn we in Hengelo nog niet. Eerst moet het organisatorisch goed staan. Als dat eind dit jaar lukt en we op het punt zijn waar Hardenberg nu is, denk ik: goed gedaan.”


