Case: XL Businesspark Almelo
Locatie: XL Businesspark (XLBP) Almelo, Overijssel
Periode: 2023–2025
Betrokken partijen: Ondernemers op XLBP, Regionaal Bedrijventerrein Twente (RBT), Enexis, Firan Decentrale Netten, Oost NL (programma Smart Energy Hubs), Beekman Bildung (procesregie), Dirk Zwager (juridisch)
Status: Geen definitieve realisatie; traject leverde standaardinstrumenten en input voor landelijke netcode
Op XL Businesspark (XLBP) in Almelo onderzochten bedrijven vanaf 2023 of zij hun netcapaciteit samen konden organiseren. Dat wilden ze doen via een voorloper van een groepscontract (GTO). XLBP was daarmee één van de eerste locaties in Nederland waar een vorm van een groepscontract in de praktijk werd verkend.
Uiteindelijk leidde het traject niet tot een definitieve energiehub met een groepscontract. Toch heeft het veel waardevolle lessen opgeleverd. Die lessen worden inmiddels gebruikt in standaarddocumenten, tooling en in de nieuwe netcode voor groepstransportovereenkomsten (GTO's). XLBP is daarmee een belangrijke stap geweest in de ontwikkeling van energiehubs, want zonder pioniers als XLBP is systeemverandering niet mogelijk.
In dit artikel focussen we op de geleerde lessen vanuit het perspectief van de verschillende betrokken partijen.
Ontstaan
XL Businesspark is een van de grotere logistieke en industriële terreinen in Oost-Nederland. Het terrein wordt ontwikkeld en beheerd door Regionaal Bedrijventerrein Twente (RBT), een publieke ontwikkelorganisatie van de provincie Overijssel en vier Twentse gemeenten.
De aanleiding voor het energiehub-traject was een combinatie van twee problemen. Aan de ene kant was er op het terrein veel vermogen om energie terug te leveren. Aan de andere kant liepen sommige bedrijven vast, omdat er te weinig ruimte op het elektriciteitsnet was.
De vraag was: kunnen bedrijven dit samen slimmer organiseren?
In 2023 voerde Firan Decentrale Netten een energetische scan en business case uit. Dat leverde een schetsontwerp op met twee middenspanningsringen en een collectieve terugleverlimiet van circa 8,9 MW als uitgangspunt. Begin 2024 werd in opdracht van Oost NL een regisseur betrokken. Deze moest het traject begeleiden richting gezamenlijke afspraken en contracten.
In 2024 en 2025 werkten de partijen aan onderlinge afspraken, een uitvraag voor een Collectief Energiemanagement Systeem (CEMS), juridische formats en technische stappen voor een groepscontract. Eind 2024 tekenden een groep bedrijven en Enexis een samenwerkingsovereenkomst, maar de daadwerkelijke activatie van het groepscontract bleef in 2025 uit.
Geleerde lessen
Het perspectief van de regisseur: energie is techniek én organisatie
De hubregisseur is de spin in het web van een energiehub: degene die lokaal eigenaarschap organiseert, partijen bij elkaar brengt en zorgt dat het proces uiteindelijk gerealiseerd wordt.
Les 1 – Begin met een helder energieprobleem
Een energiehub begint met een duidelijke vraag: welk probleem willen de bedrijven samen oplossen? Zonder goed inzicht in het energieverbruik, de opwek en de knelpunten ontbreekt de urgentie om samen afspraken te maken.
De oorspronkelijke aanleiding op XLBP was een overschot aan opwekvermogen. Later bleken er ook afname knelpunten bij sommige bedrijven door netcongestie. Daardoor was het gekozen ontwerp, een virtuele hub op basis van een groepscontract, niet voor alle deelnemers echt noodzakelijk.
Inmiddels wordt er structureel gewerkt met instrumenten als kiloWattbuur en de Energy System Configurator van Firan om dit inzicht te verbeteren.
Les 2 – Urgentie en eigenaarschap zijn doorslaggevend
Een energiehub heeft trekkracht nodig. In succesvolle hubs is er meestal minimaal één deelnemer met een concreet probleem. Die urgentie zorgt voor tempo en doorzettingsvermogen.
Op XL Businesspark was er zeker bereidheid om samen te werken. Maar de urgentie en het eigenaarschap lagen onvoldoende bij de ondernemers zelf. Het proces was daardoor sterk afhankelijk van de regisseur en publieke partijen.
Les 3 – Betrek de juiste partijen, met mandaat
Het is belangrijk om vanaf het begin de juiste partijen aan tafel te hebben. Dat zijn niet altijd alleen de vastgoedeigenaren. Soms is juist de huurder de feitelijke contracthouder. Dan moet die huurder actief meedoen in het proces.
Tijdens het traject op XL Businesspark veranderde de groep deelnemende bedrijven meerdere keren. Dat zorgde voor vertraging en extra werk. Tegelijk leverde het belangrijke inzichten op.
Les 4 – Pionieren kost leergeld
XL Businesspark was één van de eerste trajecten van dit type. Daardoor moest bijna alles voor het eerst worden uitgezocht.
Denk aan het bepalen van de groepsgrens, het verkennen van contractvoorwaarden en het regelen van onderlinge aansprakelijkheid.
Dat maakte het traject complex en vertraagde het proces. Tegelijk heeft juist dat pionierswerk veel opgeleverd. De ervaringen zijn gebruikt voor standaarddocumenten, juridische hulpmiddelen en handreikingen die nu breder worden ingezet.
Het perspectief van Enexis: leren door te doen
Voor Enexis was XLBP één van de eerste locaties waar ze de realisatie van een groepscontract voor een energiehub concreet onderzochten. Begin 2023 was er nog nergens een GTO in gebruik.
Enexis koos XLBP als pilotlocatie vanwege de aanwezige combinatie van een enthousiaste ondernemersgroep, een regisseur, publieke steun en gedegen technisch voorwerk.
Les 1 – Klein beginnen, maar realistisch schalen
Enexis wilde eerst klein starten met bedrijven op één middenspanningsring. Op XL Businesspark bleek later dat een grotere scope nodig was om voldoende energie te kunnen uitwisselen. Daarom werd uiteindelijk gekozen voor twee middenspanningsringen. Die keuze paste beter bij de energiebalans en de lokale netomstandigheden.
De les: een pilot moet overzichtelijk blijven, maar wel groot genoeg zijn om technisch en economisch zinvol te zijn.
Les 2 – Praktijkervaring helpt beleid vooruit
De ervaringen uit de pilots zoals XL Businesspark hebben direct bijgedragen aan de ontwikkeling van de reguliere GTO en de aanpassing van de netcode. Ook al kwam het op XL Businesspark niet tot een werkende energiehub, het traject leverde wel waardevolle praktijkkennis op. De groep diende bovendien als klankbord voor technische en beleidsmatige keuzes.
Les 3 – De situatie verandert continu: blijf wendbaar
Tijdens het traject veranderde zowel de fysieke netinfrastructuur op XL Businesspark als de mate van netcongestie. Daardoor moesten ontwerpkeuzes en contracten regelmatig worden herzien.
Daarom is het belangrijk om wendbaar te blijven. Probeer niet elk risico vooraf volledig dicht te regelen. Zet stappen, leer van de praktijk en bepaal snel hoe je omgaat met nieuwe ontwikkelingen.
Les 4 – Een pilot geeft inzicht, maar geen blijvende zekerheid
Voor Enexis is een pilot een tijdelijk middel om te leren wat werkt in de praktijk. De afspraken en methoden zijn niet bedoeld als permanent voordeel voor een specifieke groep. Dat zou botsen met de wettelijke eisen waar een netbeheerder zich aan moet houden.
Een pilot moet doorgroeien naar een vast contract, en dat brengt onzekerheid in de opstartfase mee. Zeker voor bedrijven met een groot en urgent energieprobleem kan dat lastig zijn.
Het perspectief van Oost NL: living lab en systeeminnovatie
Het programma Smart Energy Hubs Oost-Nederland ziet de regio als living lab voor energiehubs. Niet elk initiatief leidt tot een werkende hub. Maar ook trajecten die niet tot realisatie komen, leveren waardevolle lessen op.
Les 1 – Goede hulpmiddelen zijn onmisbaar
XL Businesspark laat zien dat energiehubs complex zijn. Daarom is het belangrijk dat nieuwe initiatieven niet steeds vanaf nul hoeven te beginnen.
Er is inmiddels geïnvesteerd in voorbeeldcontracten, handreikingen voor CEMS-uitvragen en inzichttools zoals kiloWattbuur. Zulke hulpmiddelen maken het voor volgende initiatieven makkelijker om stappen te zetten.
Les 2 – Een energiehub is een organisatievraagstuk
Een energiehub ontstaat niet vanzelf. Zeker in het begin is vaak onduidelijk wie eigenaar is van het proces. XL Businesspark bevestigde dat. De techniek is meestal niet het grootste probleem. De grootste vragen zitten vaak in organisatie, verantwoordelijkheid en onderlinge afspraken.
Wie is verantwoordelijk als een piek wordt overschreden? Hoe worden kosten verdeeld? Wie neemt besluiten namens de groep? Dat soort vragen moet vroeg in het traject worden beantwoord.
Les 3 – Niet slagen is ook systeeminnovatie
XL Businesspark heeft bijgedragen aan landelijke standaardisering, input geleverd voor de netcode en geleid tot betere procesbegeleiding.
Het doel van het programma is niet alleen om energiehubs te realiseren, maar ook om kennis te ontwikkelen en te delen. Vanuit dat perspectief was XL Businesspark een noodzakelijke stap in de verdere ontwikkeling van energiehubs in Nederland.
Het perspectief van Firan Decentrale Netten: technische analyse als basis voor vertrouwen
Firan Decentrale Netten, onderdeel van Alliander, leverde ontwerp- en analysediensten voor de technische en financiële haalbaarheid van de hub.
Met de Energy System Configurator maakte Firan een schetsontwerp. Dat ontwerp vormde de basis voor de gesprekken met Enexis over de groepsgrens.
Les 1 – Onafhankelijke analyse tussen netbeheerder en collectief
Een belangrijk moment in het traject was het voorstel van Enexis voor een lage groepsgrens, gebaseerd op historische profielen. Firan maakte vervolgens een analyse op basis van toekomstprofielen en beschikbare flexibiliteit. Daarmee kon een hogere groepsgrens worden onderbouwd. Enexis accepteerde die uiteindelijk. Dat gaf de deelnemende bedrijven voldoende vertrouwen om de samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen.
De les: een onafhankelijke technische analyse kan direct bijdragen aan vertrouwen binnen een collectief.
Les 2 – Kartrekkers zijn essentieel
Een energiehub heeft mensen en partijen nodig die het voortouw nemen. Op XL Businesspark was de inzet van een aantal kartrekkers belangrijk om de rest van de groep mee te krijgen. Onder begeleiding van de regisseur konden daardoor belangrijke stappen worden gezet.
Ook de inzet van flexibiliteit door deze voortrekkers hielp. Daardoor ontstond er ruimte voor andere deelnemers om verder te groeien.
Les 3 – Loslaten of vasthouden
Op een gegeven moment ging het collectief zelfstandig verder. Dat leidde uiteindelijk niet tot activatie van het groepscontract. Mogelijk is in dit soort trajecten langer een externe partij nodig. Bijvoorbeeld om de technische en contractuele voorwaarden te blijven bewaken en het vertrouwen binnen de groep vast te houden.
De vraag wanneer je loslaat en wanneer je betrokken blijft, is daarom ook voor begeleidende partijen een belangrijke les.
Een pilot die zijn sporen nalaat
XLBP was één van de eerste plekken in Nederland waar een collectieve energieoplossing via een groepscontract werd onderzocht.
Het traject eindigde zonder definitieve realisatie, maar leverde waardevolle praktijkervaring, proces inzichten en instrumenten op die nu bijdragen aan verdere opschaling.
De belangrijkste les: een energiehub is geen puur technisch vraagstuk, maar een collectieve onderneming. Zonder urgentie, eigenaarschap en gedeeld energetisch inzicht komt er geen contract. Maar zonder pioniers als XLBP komt er ook geen systeemverandering.
